| Sitemap |   
De honingbij, Apis mellifera De honingbij, Apis mellifera
Geschiedenis
Taxonomie
Anatomie
Het bijenvolk
Door het jaar heen...
Bijengezondheid Bijengezondheid
Parasitologie Parasitologie
Bijenziekten Bijenziekten
Toekomstige bedreigingen Toekomstige bedreigingen

 Het bijenvolk door het jaar heen...

 
Januari  
Het bijenvolk zit op de wintertros. Afhankelijk van de omstandigheden is er een klein beetje broed in het volk aanwezig. Er zijn ongeveer 20.000 werksters in het volk 
  
Februari  
De moer gaat meer eitjes leggen, de eerste planten komen in bloei en de temperatuur loopt periodiek op. Als het mogelijk is houden de bijen hun reinigingsvlucht. Bij koude vormt het volk weer een tros. 
 
Maart 
Het voorjaar barst los. Er komt stuifmeel (wilgen etc) binnen waardoor de moer nog meer gaat leggen. De winterbijen worden snel vervangen voor jonge bijen. Het volk wordt veel actiever en start nu echt weer op. 
 
April
Er komt volop stuifmeel en nectar binnen, de moer legt soms wel 2000 eitjes per dag. Het volk wordt razendsnel groter. Het aantal jonge bijen neemt sterk toe. Mogelijk kan de eerste honing worden geoogst van bijvoorbeeld het bloeiende fruit en koolzaad. 
 
Mei  
Het bijenvolk wordt zo groot dat de moer zich erop gaat voorbereiden om met een gedeelte van het bijenvolk een andere nestplaats te betrekken. Dit proces heet zwermen. Imkers proberen dit te voorkomen door aan het bijenvolk af te lezen wanneer dit gaat gebeuren om dan de moer met enkele duizenden bijen in een klein kastje te doen zodat de moer en de bijen bewaard blijven. Het bijenvolk zal een nieuwe moer opkweken. 
 
Juni  
De jonge opvolgster van de moer gaat aan de leg. Het bijenvolk gaat weer verder groeien en gaat verder met het aanleggen van de honingvoorraad. Bij lange perioden van slecht weer kan het mogelijk zijn dat de bijen bijgevoerd moeten worden omdat ze zelf veel van hun verzamelde honing als voedsel gebruiken. 
 
Juli
De zomerbloei is in volle gang. De Linde die als voornaamste zomerdrachtplant in Nederland te boek staat, bloeit volop. Als er genoeg water voor de Linde beschikbaar is, worden er door de bijen kilo’s honing verzameld. Wanneer de Linde is uitgebloeid, wordt over het algemeen de honing geoogst. 
 
Augustus
De overvloed van nectar en stuifmeel neemt op de meeste plaatsen langzaam af. Hierdoor gaat de moer haar nest verkleinen. Omdat de honing van de bijen door de imker is geoogst, is het van belang dat ze vervangend voer krijgen dat tijdens de komende herfst- en wintermaanden als brandstof dient. Gewoon suikerwater volstaat daarvoor. 
 
September 
Het bijenvolk neemt ongeveer 15 kilo suikerwater op en slaat dit op in het broednest. Het broednest is door het verder teruglopen van de dracht nog kleiner geworden en het volk treft voorbereidingen voor de winter. De eerste winterbijen worden geboren. 

 
Oktober
Omdat er over het algemeen nog maar weinig dracht is, hoeven de nieuw geboren bijen niet uit te vliegen. Deze bijen die vroeg in hun leven veel stuifmeel eten, leggen een groot eiwit-vetlichaam aan. Dit geeft ze de reserves om het bijenvolk de winter door te helpen. Terwijl een bij in de zomer maar ongeveer 6-8 weken leeft, leeft een bij in de winter wel vijf of zes maanden. 
 
November
Nog meer winterbijen worden geboren. Het is nu belangrijk dat er stuifmeel beschikbaar blijft voor de jonge bijen om hun reserves op te bouwen. Bij koude vormt het volk een bolvormige tros, de wintertros, om warmteverlies zoveel mogelijk te beperken. De moer bevindt zich altijd in het midden van de tros waar, ongeacht de buitentemperatuur, een minimumtemperatuur van 15 graden C. heerst. 
 
December
 Het bijenvolk heeft geen of bijna geen broed meer en zit afhankelijk van de koude voornamelijk op de wintertros. Doordat ze eten van het suikerwater verschuift de plaats van de tros mee met de voedselvoorraad. Dit is tevens om geschikt moment om te behandelen tegen Varroa D. 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Home Contact Advies Training Coaching