|
|
Preventie van ziekten |
| |
|
Wat doet de bij? |
| Om te voorkomen dat ziektekiemen vat krijgen op de bijen(volken) worden er heel wat maatregelen genomen. De meest daarvan gebeuren natuurlijk door de bijen zelf. Om enkele voorbeelden te noemen: |
| - Broedtrekken. Werksters die constateren dat een larve of pop niet goed is, kunnen de larve opruimen. Ze openen de cel en voeren de larve/pop af. Interessant is om hierbij te vermelden dat de eigenschappen voor het openen en het opruimen van het geopende broed op verschillende genen liggen. Hierdoor kan het gebeuren dat cellen wel geopend worden maar niet worden opgeruimd en zelfs opnieuw worden gesloten. |
| - De bijen verzamelen propolis. Veelvuldig toegepast als natuurgeneesmiddel. Propolis is een kleefachtig materiaal waarmee kieren en gaatjes dichtgekit worden. Ook kan het worden gebruikt om 'vreemd' materiaal in de kast in te kapselen. Propolis heeft een antibacteriële, antivirale en antifungische werking. De samenstelling ervan verschilt regionaal. |
| - Bij het verzamelen van nectar filteren haartjes van het maagdarmportier (proventriculus) de inhoud van de honingmaag. De inhoud van de honingmaag wordt zo binnen15 minuten steriel gemaakt. |
| - Wanneer de nectar als honing wordt opgeslagen heeft de hoge suikerconcentratie een conserverende werking. Tevens ontstaan in de voorraad de stoffen glyconzuur en waterstofperoxide (kleine hoeveelheden). Ook deze stoffen hebben desinfecterende waarde. |
| - Bij het bewaren van stuifmeel vergist en verzuurt de vooraad in lichte mate. Dit heeft een zuiverende werking. Het stuifmeel wordt tevens afgesloten van zuurstof bewaard. |
| - In het bijenlichaam vinden allerlei reacties plaats die een rol spelen bij de immuniteit van de bij. Zo maakt de bij verschillende aspecifieke antilichamen. Tevens produceert ze een batterij aan eiwitten die een rol kunnen spelen bij de immuniteit. Sommige van deze eiwitten zijn ook terug te vinden in koninginnengelei. Ook is in zeker mate aangetoond dat bepaalde eiwitten een bijdrage kunnen leveren aan het verminderen van de vektorfunctie van de bij als het gaat om plantpathogenen. |
 |
| Propolis onder de dekplank. Proventriculus met filterende lipjes |
|
|
Wat doet de imker? |
| Imkers kunnen veel doen om bij te dragen aan het voorkomen van bijenziektes in hun bijenvolken. Enkele voorbeelden: |
| - Het evenwicht in de kast respecteren. Kijken in de volken is mooi en interessant echter, het is ook een grote verstoring van de rust in de kast. Kijk dus niet onnodig veel in de kast... |
| - Sterke volken telen. Teel door met het sterkste en beste materiaal dat u heeft. U kunt hiermee de eigenschappen van uw volken sterk beïnvloeden. Goed selecteren is echter een kunst. Overtuig uzelf van een goede meting voordat u conclusies trekt ten aanzien van bepaalde eigenschappen van een volk. |
| - Zorgdragen voor een gevarieerd en kwalitatief stuifmeelaanbod. Stuifmeel is de kracht van een volk. Vele kilo's zijn er nodig om in het voorjaar een volk te laten groeien tot 20 ramen bijen. Ziet u kans uw volken naar de boomgaard te brengen in het voorjaar dan is dat zeker het overwegen waard. Tevens kunt u in het najaar uw bijen op allerlei groenbemesters laten vliegen (o.a phacelia, gele mosterd en boekweit zijn geschikt) Vanzelfsprekend betekent dit dat u reist met uw bijen. |
|
- Niet teveel volken op een plaats. Vaak wordt melding gemaakt van het aantal van 10 volken op een stand. Het aantal volken dat u op uw stand kunt houden hangt natuurlijk vooral af van de drachtomstandigheden rondom uw bijenstand. Is er een uitstekende dracht dan kunnen er waarschijnlijk veel meer dan 10 volken op een stand staan. |
| - Goede ontsmetting van materialen. Zie volgende pagina. |
| - Niets laten liggen. Zorgvuldig en proper werken, voorkomt onnodige besmetting van materialen |
| - Raatvernieuwing. Laat uw bijen flink bouwen. Het volk blijft actief, u heeft schone raat ter beschikking en voorkomt dat vervuilde was een risico vormt de bijengezondheid. |
| - Zwakke/verdachte volken opruimen. Zij lopen meer risico om ziek te worden. |
| |
| |
|