| Sitemap |   
De honingbij, Apis mellifera De honingbij, Apis mellifera
Bijengezondheid Bijengezondheid
Parasitologie Parasitologie
Bijenziekten Bijenziekten
Toekomstige bedreigingen Toekomstige bedreigingen
Aethina Tumida
Tropilaelaps

 Aethina tumida, de kleine bijenkastever

Aethina tumida, de kleine bijenkastkever is een parasiet die nog niet in Europa voorkomt. Van oorsprong komt ze uit Afrika waar ze in de honingvoorraden van de kasten lichte schade aanbrengt. In 1998 werd ze ontdekt in Florida en op dit moment is de kever verspreidt door geheel Amerika. In 2002 is ook in Australië en in Canada geconstateerd dat de kleine bijenkastkever er voorkomt.  
   
                       

 Aethina tumida (vergroot 4x)

 
 De volwassen kever is ovaal van vorm, ongeveer 5-7 mm lang en 3-4.5 mm breed. Zodra de kever uitkomt is ze roodbruin van kleur. Als ze ouder wordt kleurt ze donderder bruin tot zwart. Ze hebben ongeveer de lengte van éénderde het lichaam van een werkbij. De antennes zijn knotsvormig en geven Aethina tumida een kenmerkend uiterlijk. De dekschilden van de vleugels zijn behaard en kort zodat nog enkele segmenten van het achterlijf te zien zijn. 
 

Levenscyslus

Volwassen kevers gaan een kast binnen en leggen hun eitjes in spleten van de kast of in de raten. De eitjes zijn wit en zo'n 1.5 bij 0.25 mm. Als er geen bijenkasten voorhanden zijn kan de kever haar eitjes ook op fruit leggen. Meloenen hebben hierbij haar voorkeur. Volwassen kevers kunnen ongeveer twee weken zonder eten en drinken. Na 2-6 dagen komen de eitjes uit. De larven eten  het broed, het stuifmeel en de honing. De larve heeft een rij van stekels op haar rug en 3 pootjes bij het hoofd. Hierdoor is ze van de larven van de wasmot te onderscheiden. Na 10-14 dagen zijn de larven ongeveer 11 mm lang en groeien ze niet verder. Ze banen zich een weg uit de kast waarbij ze zich soms van te voren massaal op de bodem van de kast verzamelen. Ze vallen op de grond en graven zich in. Drie tot vier weken later komen de volwassen kevers uit en vliegen weg. Ze verspreiden zich zo snel tot wel tien kilometer.  
 

 Schade door larven

 

 Geen paniek

Volgens deskundigen van het bijeninstituut Celle in Duitsland, is het gevaar van de kleine bijenkastkever beperkt in vergelijking met Varroa Destructor. Als een soort 'verkeverde' wasmot gaat haar voorkeur uit naar zwakkere volken met veel oude raat. Sterke volken op jonge raat zijn minder gevoelig voor infectie. Raken zij toch overmatig geinfecteerd, dan is het door volken op schone raat te zetten goed te behandelen. 
 
 
 

Home Contact Advies Training Coaching